Skip to navigation Skip to main content
Trafoi2

Wie de Stelviopas in Zuid-Tirol (Italië) wel eens is opgereden, komt er langs: Trafoi am Ortler. Een verstild dorpje met 90 inwoners dat in de winter zo’n beetje het einde van de weg is. Want de Stelvio is gedurende de koude maanden uiteraard gesloten, dus verder dan Trafoi kom je niet. Wie vanuit het noorden toch de moeite neemt om even een stukje verder te rijden dan de afslag naar het gletsjergebied van Sulden, staat een aangename verrassing te wachten. Want Trafoi heeft een alleraardigst skigebied. Je moet alleen geen haast hebben.

Kleine skigebieden bezoeken - een hobby

Zie het bezoeken van kleine skigebieden als een hobby. Jaarlijks speuren we de kaart af naar wintersportoorden waar we nog nooit van hebben gehoord, maar die kennelijk toch bestaansrecht hebben. Als je in maart in Zuid-Tirol verblijft, kies je vanwege de (vaak) hoge temperaturen al snel voor één van de gletsjergebieden Sulden of het Schnalstal. Toch is het echt de moeite waard net iets verder te kijken. Vooral tegen de Zwitserse grens -of net eróver- liggen vaak echte pareltjes. Trafoi is daarvan een goed voorbeeld. Wij waren er afgelopen voorjaar, een week voordat het skigebied zou gaan sluiten.

Waar is de stoeltjeslift?

De eerste uitdaging is het vinden van de stoeltjeslift die je naar 2250 meter zal gaan brengen. Na drie rondjes te hebben gereden door het dorp, blijkt de lift op een soort verhoging te liggen. Verborgen achter een ander gebouw. Ernaast is een piepkleine parkeerplaats die de rest van het jaar dienst doet als speelplein van het plaatselijke schooltje. Het laatste parkeerplekje is gelukkig voor ons.

Als we bij de liftbediende onze dagkaarten bestellen, brabbelt hij iets in een taal dat zowel lijkt op Duits als Italiaans. Eén ding is ons duidelijk: niet alle liften zijn tegelijkertijd open. Dat is wel een beetje een tegenvaller want boven zijn er maar twee liften.

Kees in Trafoi in maart op wintersport

Lange tocht naar boven

Dan begint de lange tocht naar boven. De oude, trage tweezitter staat om de haverklap stil omdat er beneden en boven wandelaars moeten in- en uitstappen. Geeft niks: het is schitterend weer en de vogeltjes fluiten volop. Na bijna een half uur komen we aan bij het bergstation. Eerst maar eens een kop koffie op het naastgelegen terras van restaurant Furkelhütte. Daar ontvouwt zich een geweldig schouwspel: je hebt een werkelijk ongeëvenaard uitzicht op de Ortler (3905 meter), ooit de hoogste berg van Oostenrijk maar na de Eerste Wereldoorlog aan Italië toegewezen. Ook kun je het hoogste punt van de Stelviopas goed zien liggen.

Personeelsgebrek

We zien in de verte een draaiend sleepliftje en een stoeltjeslift die stil staat. Na de koffie blijkt ook het sleepliftje te zijn gestopt. We vragen aan de eigenaar van het restaurant of de liften vandaag nog opengaan. Hij verwijst ons naar twee mannen die achter een bord dampende pasta zitten. Het blijken de liftbediendes te zijn die lunchpauze hebben. Zij maken duidelijk dat maar één van de twee liften open kan in verband met personeelsgebrek. Uit hun gebaren maken we op dat vanmiddag de stoeltjeslift aan de beurt is. Op het terras doen wij ons dan maar eerst tegoed aan een paar plateaus met Trockenfleisch en plaatselijke kaasjes. Bepaald geen straf met zo’n uitzicht.

Lunchen in Trafoi met uitzicht op de Ortler
Lunchen in Trafoi op het terras

Eindelijk naar de top op 2400 meter

Als de liftbediendes klaar zijn met de lunch, zien we ze naar beneden skiën richting het iets lager gelegen dalstation van de stoeltjeslift. Voor ons het sein om daar direct achteraan te gaan. We zijn de eerste wintersporters die met het liftje naar de top op 2400 meter mogen. Veel andere skiërs zien we vandaag trouwens ook niet. Wandelen en toerskiën lijkt vandaag een stuk populairder. Eenmaal boven is het uitzicht nog veel mooier dan vanaf het terras. 

De sneeuwcondities zijn echter niet best: de hard bevroren ribbels maken afdalen niet echt tot een genoegen. We doen deze deels blauwe, deels rode afdaling een paar keer. Na nog een biertje op het terras dalen we helemaal af. Dat is nog niet eenvoudig, want de sneeuw die in de zon ligt is superzacht terwijl de schaduwgedeeltes van de piste keihard zijn. Het laatste deel van de dalafdaling (volgens de ene pistekaart blauw, volgens de andere rood) is niet aan te raden voor beginners. In ieder geval niet onder deze omstandigheden. Hoe lager je komt, hoe warmer het wordt en hoe slechter de sneeuw is. Wat wil je ook, het is eind maart. Maar weet je: we hebben een geweldige dag gehad!

Berghut Trafoi

Trafoi is een partnergebied van grote buur Sulden (Solda). De twee gebieden zijn goed te combineren en liggen ongeveer 20 autominuten van elkaar verwijderd. Er zijn een paar hotels, één ervan is in het bezit van de inmiddels 74-jarige oud-Olympisch- en wereldkampioen Gustav Thöni en zijn familie. Dit seizoen is het gebied open vanaf 21 december tot 22 maart.

Profielfoto Kees

Over Kees

Skiën is voor Kees als een tweede leven en heeft meer dan 50 jaar wintersportervaring. In december en januari woont hij zo'n beetje in Innsbruck en verkent vanuit daar diverse skigebieden in Oostenrijk en Italië. Hij volgt de World Cup alpineskiën op de voet en kan jou er alles over vertellen!